Op 6 maart 2016 veroorzaakte verdachte onder invloed van een aanzienlijke hoeveelheid alcohol een verkeersongeval op de provinciale weg N46, waarbij een inzittende van de door hem bestuurde onverzekerde bestelbus om het leven kwam. Daarnaast mishandelde verdachte twee keer een vriend, waarbij één mishandeling resulteerde in een gebroken onderarm.
De rechtbank oordeelde dat verdachte zeer onvoorzichtig had gereden met een snelheid tussen 120 en 140 km/u, terwijl de toegestane snelheid 100 km/u was. Verdachte reed met een geschorst rijbewijs en zonder verzekering. Het verweer dat de ademanalyse niet correct was uitgevoerd, werd verworpen omdat verdachte geen expliciet verzoek tot tegenonderzoek had gedaan. De rechtbank sprak verdachte vrij van het feit dat hij redelijkerwijs moest weten van de schorsing van zijn rijbewijs.
De mishandelingen werden bewezen verklaard op basis van aangifte en bekentenis. Verdachte werd veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 30 maanden, een rijontzegging van 4 jaar en een geldboete van €400. Tevens werd een schadevergoeding van €1.345,96 toegewezen aan het slachtoffer van de mishandeling. De rechtbank nam de ernst van de feiten, het eerdere strafblad en de houding van verdachte mee in de strafoplegging.