ECLI:NL:RBNNE:2017:3556
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf wegens opzettelijke brandstichting met gevaar voor personen en goederen
Op 17 februari 2016 heeft verdachte in Delfzijl opzettelijk brand gesticht door open vuur in aanraking te brengen met motorbenzine, waardoor traptreden en een kast in twee woningen gedeeltelijk zijn verbrand. De brand veroorzaakte gemeen gevaar voor de woning en aanwezige goederen, alsmede levensgevaar voor bewoners van belendende woningen.
Verdachte bekende duidelijk en ondubbelzinnig tijdens de terechtzitting van 4 september 2017. De rechtbank baseerde het bewijs op de verklaring van verdachte, politiedossiers, forensisch onderzoek en getuigenverklaringen. De verdediging erkende het brandstichten, maar stelde dat verdachte geen gevaar voor personen en goederen wilde veroorzaken.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is wegens opzettelijke brandstichting met gevaar voor personen en goederen. Bij strafoplegging werd rekening gehouden met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het is gepleegd, en de persoonlijke situatie van verdachte, waaronder zijn laagbegaafdheid, emotionele problematiek en het ontbreken van eerdere soortgelijke veroordelingen.
De rechtbank legde een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 jaar met een proeftijd van drie jaar op, verbonden aan bijzondere voorwaarden zoals reclasseringstoezicht en ambulante behandeling. Daarnaast werd een onvoorwaardelijke taakstraf van 240 uur opgelegd, met vervangende hechtenis bij niet-nakoming. De straf is mede gericht op het voorkomen van recidive en het bieden van ondersteuning aan verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 jaar en een taakstraf van 240 uur wegens opzettelijke brandstichting met gevaar voor personen en goederen.