ECLI:NL:RBNNE:2017:3731
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding na incident op werkvloer
Kunststoffabriek Coevorden B.V. (KFC) verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer, die sinds 2002 in dienst was. Dit verzoek volgde op een incident waarbij de werknemer, werkzaam als ploegbaas, een bedreigende en dubbelzinnige uitlating deed richting een collega, die tevens familielid is van de directeur van KFC. Na het incident werd de werknemer geschorst en kreeg hij disciplinaire maatregelen opgelegd, waaronder een functiewijziging en een berisping.
De werknemer betwistte de letterlijke interpretatie van de bedreiging en stelde dat het een metafoor betrof uit zijn moedertaal. Hij ontkende ook seksuele intimidatie en agressieve communicatie. Tevens voerde hij aan dat het conflict voortkwam uit de gezinsband van de collega met de directeur en dat hij zijn werkzaamheden jarenlang naar tevredenheid had verricht. KFC stelde dat de arbeidsverhouding zodanig verstoord was dat voortzetting niet van haar kon worden gevergd, mede vanwege het ontbreken van draagvlak binnen de organisatie.
Partijen hebben geprobeerd een regeling te treffen, waaronder mogelijke herplaatsing via outplacement, maar bereikten geen overeenstemming. De kantonrechter besloot de zaak aan te houden en een nieuwe mondelinge behandeling te plannen, waarbij partijen hun beschikbaarheid moesten opgeven. Tevens werd het verzoek om toekenning van een transitievergoeding en vergoeding van rechtsbijstand door de werknemer aan de orde gesteld.
De beschikking van 1 augustus 2017 betreft een tussentijdse beslissing waarbij de kantonrechter de verdere beslissing aanhoudt en een nieuwe zittingsdatum zal bepalen.
Uitkomst: De kantonrechter heeft de zaak aangehouden voor een nieuwe mondelinge behandeling na mislukte regeling tussen partijen.