Uitspraak
kwam uit een moeilijke gezinssituatie (haar vader was overleden toen zij 10 jaar oud was en ze had geen goede band met moeder) en kreeg op jonge leeftijd een relatie met verdachte. Vanaf haar achttiende ging ze met hem samenwonen in Almere. Verdachte spiegelde haar een mooi toekomstbeeld voor en liet haar denken dat hij van haar hield en dat hij een gezin met haar wilde. De vriendinnen van de broers van verdachte en de vorige vriendin van verdachte werkten allemaal in de prostitutie en vanaf haar achttiende verjaardag mocht [slachtoffer 1] van verdachte ook in de prostitutie werken. Verdachte betaalde de kamerhuur voor haar eerste werkdag. Gedurende de eerste periode bracht verdachte [slachtoffer 1] naar haar werkplek in Amsterdam en haalde hij haar weer op. [slachtoffer 1] kon verdachte bellen als zij Fl. 1.000,00 had verdiend, en later € 500,00 à € 600,00. Het verdiende geld werd door verdachte weggehaald. [slachtoffer 1] mocht geen contact met andere prostituees hebben en kreeg een tik van verdachte toen hij vond dat ze teveel contact met hen had. Verdachte wilde niet dat [slachtoffer 1] vriendinnen had en zette [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] tegen elkaar op. Toen [slachtoffer 1] op enig moment aangaf dat ze niet wilde werken, kreeg ze klappen van verdachte. [slachtoffer 1] werd om het minste of geringste door verdachte mishandeld en op een gegeven moment ging ze niet meer tegen hem in. In 2005 ging [slachtoffer 1] werken in de snackbar in Leeuwarden en stopte ze met het werken in de prostitutie.
Alles overwegend is de rechtbank van oordeel dat [slachtoffer 2] aldus door verdachte is uitgebuit.
Ik had een zaakverbod van [verdachte] . Ik mocht niet in de snackbar komen. Ik kreeg om de drie weken van mijn omzet, kreeg ik gewoon twee tientjes. Hij pinde elke dag drie/vier honderd euro cash van de bank wat er dan binnen kwam en nog twee/drie honderd euro aan cash wat er werd verdiend. En dat maakte hij allemaal met [slachtoffer 4] op.
V: Dat zei [verdachte] ? 60.000 euro op zijn hoofd?
van [verdachte]) mocht ik geld gaan verdienen.
de rechtbank begrijp: [slachtoffer 2]) wel gebleven, maar [slachtoffer 2] had geen zeggenschap over [verdachte] in iets. [slachtoffer 2] heeft ook, wat ik weet van haar, op een gegeven moment een verbod gekregen van [verdachte] . Ze mocht niet meer komen en toen kwam alles bij [verdachte] terecht. De boekhouding, het geld en daardoor ging het helemaal mis.
V: Hoe is de verbouwing betaald?
Op 5 juli 2016 zag ik dat [slachtoffer 3] bovenaan de trap stond in de woning aan het [straatnaam] in Leeuwarden. Ik zag meteen aan het gezicht van [slachtoffer 3] dat zij gewond was. Ik zag namelijk dat haar beide ogen en jukbenen opgezwollen waren. Ik zag dat [slachtoffer 3] blauwe plekken had onder haar beide ogen. Later hoorde ik van de ambulancebroeders dat zij zagen dat er bloed uit een oor van [slachtoffer 3] kwam en dat zij [slachtoffer 3] mee gingen nemen naar het Medisch Centrum Leeuwarden.
Ik zag dat er veel goederen in de woning overhoop lagen. Ik zag op een wit bankstel in de woning bloedsporen. Boven in de kledingkast zag ik ook bloedsporen. Ik hoorde van de collega’s dat [slachtoffer 3] zwaar letsel had en mogelijk een schedelbasisfractuur.
Ik zag dat op de trui van [verdachte] vlekken met een licht oranje/rode kleur zaten. Ook in het vest zag ik rode vlekken aan de binnenzijde.
de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2]) hebben contracten moeten ondertekenen hé. Hun mochten niet het huis verkopen dit en dat, zonder zijn toestemming, daar zijn hele contracten van. Zo'n contract heb ik nooit ondertekend. Hij heeft wel die contracten willen maken met mij, maar ik heb dat nooit ondertekend.
de rechtbank begrijpt: 8 april 2016).
de rechtbank begrijpt: bij verdachte en [medeverdachte] in de woning) gewoon en ze gingen gewoon van die domme spelletjes doen, seksspelletjes. Dat ene meisje woonde daar achter eerst (
de rechtbank begrijpt: [getuige 1]). En dat ene meisje die waar hij echt ook een relatie mee heeft gehad, [slachtoffer 4] . En [getuige 3] was er.
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]) en ik. Ik gebruikte op dat moment zelf ook drugs maar ik gebruikte tot dat moment geen basecoke. Mijn situatie was op dat moment niet heel stabiel. Als je voor de eerste keer basecoke gebruikt, ben je helemaal van de wereld.
de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte]). Ook gaf de getuige aan dat zij onder andere op 30 augustus 2014 onder invloed van drugs tegen haar wil seksuele handelingen had gedaan. Zij had die dag samen met [slachtoffer 4] seksuele handelingen verricht.
(de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte] )[slachtoffer 4] had weggebracht en dat ze seks hadden gehad. Ik begreep dat [medeverdachte] aan [verdachte] had gevraagd om seks te hebben met [slachtoffer 4] als tegenprestatie voor het feit dat hij haar weg moest brengen.
Het gevorderde bedrag (€ 74.000,00) betreffende verschil in aankoopwaarde van het pand en de marktwaarde van het pand inclusief inventaris zal de rechtbank eveneens matigen. De rechtbank overweegt in dit verband dat onvoldoende is gebleken dat het pand het getaxeerde bedrag daadwerkelijk zou hebben opgeleverd en dat de overwaarde bovendien door [slachtoffer 2] zou moeten worden gedeeld met [slachtoffer 1] als mede-eigenaresse. Gebruik makend van haar schattingsbevoegdheid stelt de rechtbank deze schadepost op € 20.000,00.
Ten aanzien van feit 1 en 2:Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 117.032,50 (zegge: honderdzeventienduizendtweeëndertig euro en vijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2005.
[slachtoffer 1]voor het overige in haar vordering niet ontvankelijk is en dat dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[slachtoffer 1]te betalen een bedrag van € 117.032,50 (zegge: honderdzeventienduizendtweeëndertig euro en vijftig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2005, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 130 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.
Dit bedrag bestaat uit € 99.532,50 aan materiële schade en € 17.500,00 aan immateriële schade.
[slachtoffer 1]daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.
Ten aanzien van feit 3 en 4:Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 76.132,44 (zegge: zesenzeventigduizendhonderdtweeëndertig euro en vierenveertig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 31 oktober 2015.
[slachtoffer 2]voor het overige in haar vordering niet ontvankelijk is en dat dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[slachtoffer 2]te betalen een bedrag van € 76.132,44 (zegge: zesenzeventigduizendhonderdtweeëndertig euro en vierenveertig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 31 oktober 2015, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 110 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft.
Dit bedrag bestaat uit € 51.132,44 aan materiële schade en € 25.000,00 aan immateriële schade.
[slachtoffer 2]daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.
Ten aanzien van feit 5 en 6:Wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 10.000,00 (zegge: tienduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2016.
[slachtoffer 3]voor het overige in haar vordering niet ontvankelijk is en dat dit deel van de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[slachtoffer 3]te betalen een bedrag van € 10.000,00 (zegge: tienduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 6 juli 2016, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 75 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade.
[slachtoffer 3]daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.
[slachtoffer 4]toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 5.000,00 (zegge: vijfduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 oktober 2014, in dier voege, dat indien een gedeelte van € 2.000 van dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd.
[slachtoffer 4]te betalen een bedrag van € 5.000,00 (zegge: vijfduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 oktober 2014, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 50 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende hechtenis de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft en in dier voege, dat indien een gedeelte van € 2.000 van dit bedrag door de mededader van verdachte geheel of gedeeltelijk is of wordt betaald, verdachte in zoverre is of zal zijn bevrijd. Dit bedrag bestaat uit immateriële schade.
[slachtoffer 4]daarmee de verplichting van verdachte om aan de benadeelde partij dit bedrag te betalen komt te vervallen en omgekeerd, dat, indien verdachte aan de benadeelde partij het opgelegde bedrag heeft betaald, daarmee de verplichting tot betaling aan de staat van dit bedrag komt te vervallen.