ECLI:NL:RBNNE:2017:3871
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte oplichting, valsheid in geschrifte en witwassen in fraudezaak
De rechtbank Noord-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van oplichting, valsheid in geschrifte en witwassen binnen een criminele organisatie. De tenlastelegging betrof het misleiden van bedrijven en personen met valse facturen en opdrachtbevestigingen, het witwassen van gelden via bankrekeningen en deelname aan een criminele organisatie.
Tijdens de terechtzittingen op 29 mei 2015, 27 november 2015, 12 september 2017 en 26 september 2017 werd vastgesteld dat verdachte niet wettig en overtuigend betrokken was bij de oplichtingspraktijken. Hoewel verdachte zijn bankrekening ter beschikking had gesteld, kon niet bewezen worden dat hij daadwerkelijk over deze rekening beschikte om gelden op te nemen of over te boeken. De rechtbank concludeerde dat het dossier geen aanwijzingen bevatte dat verdachte deelnemer was aan de criminele organisatie.
De officier van justitie had vrijspraak gevorderd voor het eerste feit en een gevangenisstraf van zes maanden voor witwassen en deelname aan de organisatie. De verdediging betoogde vrijspraak voor alle feiten. De rechtbank volgde het standpunt van de verdediging en sprak verdachte volledig vrij.
Daarnaast werd een vordering tot schadevergoeding van €83.010,02 door de curator in het faillissement van een betrokken bedrijf ingesteld. De rechtbank verklaarde deze vordering niet-ontvankelijk omdat het feit dat de schade veroorzaakte niet bewezen was.
De rechtbank hief het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op en bepaalde dat verdachte en de benadeelde partij ieder hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.