De rechtbank Noord-Nederland heeft op 18 oktober 2017 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over een omgevingsvergunning voor het bouwen van 14 appartementen aan een adres te Groningen. Verweerder had vergunning verleend, maar eisers stelden dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, vooral vanwege de afstandseis tussen hoofdgebouwen en de classificatie van voormalige garageboxen.
De rechtbank overwoog dat de garageboxen niet als hoofdgebouw konden worden aangemerkt, maar als bijgebouw bij het bedrijfsgebouw, dat wel het hoofdgebouw vormt. Omdat de appartementen op dezelfde afstand van de perceelsgrens werden gebouwd als de garageboxen, was de vergunning onrechtmatig verleend. Tevens was onvoldoende onderbouwd dat het bouwvlak voor de appartementen bestond op de perceelgrens.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit van 25 april 2016. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan eisers. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.