ECLI:NL:RBNNE:2017:4543
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- A.H.M. Dölle
- A.W. Wassink
- M. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit meervoudige oplichting
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 27 november 2017 een vordering van de officier van justitie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel in een zaak tegen een veroordeelde wegens meervoudige oplichting.
De officier van justitie had aanvankelijk een betalingsverplichting van €564.376,00 gevorderd, welke tijdens de zitting werd gematigd tot €275.500,00. De rechtbank baseerde haar vaststelling van het wederrechtelijk verkregen voordeel op het proces-verbaal van 7 juli 2016, de verklaring van de veroordeelde en een notariële schulderkenning tussen de veroordeelde en de benadeelde verzekeringsmaatschappij Zevenwouden.
De schulderkenning bevestigde een bedrag van €561.622,85 als voordeel genoten door de veroordeelde. De rechtbank achtte dit bedrag als uitgangspunt voor de ontnemingsvordering en zag geen reden om af te wijken van de gematigde betalingsverplichting. Op grond van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht werd de ontnemingsmaatregel opgelegd.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer, waarbij één rechter niet kon medeondertekenen. De veroordeelde werd verplicht tot betaling van €275.500,00 aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: De veroordeelde is verplicht tot betaling van €275.500,00 aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.