ECLI:NL:RBNNE:2017:4633
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens ontbreken spoedeisend financieel belang
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen de uitbetaling van bijstand en het primaire besluit tot toekenning van een uitkering op grond van de Participatiewet. Na ongegrondverklaring van de bezwaren door verweerder, heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank. Verzoeker verzocht vervolgens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft onderzocht of er sprake is van onverwijlde spoed en een spoedeisend belang bij het treffen van de gevraagde voorziening. Verzoeker gaf aan een netto inkomen van €1217 per maand te hebben en geen dreigende invorderingsmaatregelen van schuldeisers. Er was geen bewijs van dreigende huisuitzetting of afsluiting van nutsvoorzieningen.
Hoewel verzoeker en zijn partner in een kleine woning bij zijn ouders wonen en een eigen woning willen betrekken, achtte de voorzieningenrechter deze omstandigheden onvoldoende zwaarwegend om het verzoek niet af te wachten. De zitting voor het bodemgeschil stond gepland binnen korte termijn.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend financieel belang.