De moeder is zwanger van haar vierde kind en het verzoek tot ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing is ingediend door de Raad voor de Kinderbescherming. De Raad baseert het verzoek op zorgen over de veiligheid en ontwikkeling van het kind, verwijzend naar een belast verleden van de ouders en eerdere uithuisplaatsingen van andere kinderen.
De ouders hebben zich positief ontwikkeld, onder meer via relatietherapie en begeleiding door hulpinstanties zoals KingZorg en Promens Care. Vader is drugsvrij verklaard en er is sprake van een stabielere woonsituatie. De Raad acht een ondertoezichtstelling noodzakelijk om de veiligheid te waarborgen, maar de kinderrechter constateert dat er geen actuele concrete aanwijzingen zijn dat de opvoedingssituatie onveilig is.
De rechtbank overweegt dat een machtiging tot uithuisplaatsing een zware inbreuk op het family life betekent en alleen gerechtvaardigd kan worden bij zwaarwegende redenen. De wachtlijst bij De Stee rechtvaardigt deze ingreep niet. De ondertoezichtstelling wordt toegewezen voor de duur van twaalf maanden, terwijl het verzoek tot machtiging uithuisplaatsing wordt afgewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep.