Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[veroordeelde] ,
,
Procesverloop
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Bewijsmiddelen
Beoordeling
€ 5.686,20 +
€ 2.940,60 +
€ 13.860,60 -/-
€ 7.425,60
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 6 december 2017 een vordering van de officier van justitie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde, die was veroordeeld voor handel in hard- en softdrugs. De officier van justitie stelde aanvankelijk een bedrag van €91.564,20 vast, later verlaagd tot €75.000,00, terwijl de verdediging pleitte voor afwijzing of een maximale ontneming van €4.395,00.
De rechtbank baseerde haar schatting op verklaringen van meerdere getuigen, politieobservaties en een rapport berekening wederrechtelijk voordeel. Uit de bewijsstukken bleek dat veroordeelde gedurende een periode van 78 weken dagelijks drugs verkocht, maar de rechtbank achtte een wekelijkse verkoop van 4 gram cocaïne en 10 gram hennep realistischer. De handel in amfetamine werd buiten beschouwing gelaten vanwege vrijspraak op dat punt.
Met gehanteerde prijzen van €50 per gram cocaïne en €7,29 per gram hennep, en inkoopprijzen van respectievelijk €35 en €3,77, kwam de rechtbank tot een netto wederrechtelijk verkregen voordeel van €7.425,60. Dit bedrag werd veroordeelde opgelegd als ontnemingsmaatregel, te betalen aan de Staat. De beslissing werd uitgesproken door een meervoudige kamer, waarbij één rechter afwezig was bij ondertekening.
Uitkomst: De rechtbank legt een ontnemingsmaatregel van €7.425,60 op aan veroordeelde wegens wederrechtelijk verkregen voordeel uit drugshandel.