ECLI:NL:RBNNE:2018:1008
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte van geweldsdelicten te Veendam op 4 oktober 2017
Op 4 oktober 2017 vond een geweldsincident plaats aan de Spoorhavenweg te Veendam waarbij meerdere personen werden mishandeld en eigendommen werden beschadigd. Verdachte werd ervan beschuldigd samen met anderen geweld te hebben gepleegd tegen een slachtoffer en voertuigen te hebben vernield.
Tijdens de terechtzitting op 8 maart 2018 werden verklaringen van diverse getuigen en aangevers besproken. Sommige verklaringen wezen op aanwezigheid van verdachte bij het incident, terwijl andere getuigen een alibi voor verdachte gaven, waaronder verklaringen dat verdachte op dat moment elders was, zoals bij een bedrijf of thuis. De verklaringen waren tegenstrijdig en boden geen eenduidig bewijs.
De officier van justitie en de verdediging waren het eens dat onvoldoende overtuigend bewijs bestond om verdachte te veroordelen. De rechtbank oordeelde dat ondanks het bestaan van wettige bewijsmiddelen, de overtuiging ontbrak dat verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de ten laste gelegde feiten. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde geweldsdelicten.
Daarnaast wees de rechtbank een vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke werkstraf af, omdat de vrijspraak van het nieuwe ten laste gelegde daaraan in de weg stond.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende overtuigend bewijs van betrokkenheid bij geweldsdelicten op 4 oktober 2017.