De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 31 mei 2018 de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van diefstal met geweld bij een bedrijf in Assen en van het bedreigen van twee docenten in Hoogeveen.
De rechtbank sprak verdachte vrij van de diefstal omdat het bewijs onvoldoende was: het signalement was te algemeen, getuigenverklaringen verschilden en er was geen sluitend bewijs dat verdachte de overval had gepleegd. Verdachte werd echter wel veroordeeld voor het bedreigen van de docenten met doodsbedreigingen op school, een ernstig feit dat plaatsvond in aanwezigheid van medeleerlingen.
Uit psychiatrische rapporten bleek dat verdachte leed aan een reactieve hechtingsstoornis en gedragsstoornis, waardoor zijn agressieregulatie beperkt is en het feit in verminderde mate aan hem kan worden toegerekend. De rechtbank legde een jeugddetentie van 120 dagen op, waarvan 72 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, verbonden aan intensieve behandeling en toezicht om recidive te voorkomen.
De straf omvatte onder meer agressieregulatie therapie, cognitieve gedragstherapie, en voorwaarden zoals geen drugsgebruik en medewerking aan reclasseringstoezicht. De rechtbank achtte dit passend gezien de ernst van de bedreigingen en de problematiek van verdachte.