ECLI:NL:RBNNE:2018:3168
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- H.H.A. Fransen
- E. Läkamp
- M. van den Steenhoven
- Rechtspraak.nl
Integrale vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van vermogensdelicten in Assen
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 31 juli 2018 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van meerdere vermogensdelicten, waaronder diefstal en heling van goederen zoals zakken hondenvoer, een trilplaat, een koelkast, een plotter en een auto. De feiten zouden zich hebben voorgedaan in de periode van december 2017 tot februari 2018 te Assen.
Tijdens de terechtzitting van 17 juli 2018 heeft de officier van justitie veroordeling gevorderd, terwijl de verdediging pleitte voor integrale vrijspraak wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs. De rechtbank oordeelde dat de betrokkenheid van verdachte bij de vermogensdelicten onduidelijk bleef en dat niet aannemelijk was dat verdachte medepleger was of opzettelijk of schuldhaftig handelde.
Daarnaast waren er vorderingen tot schadevergoeding van twee benadeelde partijen. De rechtbank achtte de feiten niet bewezen waaruit de schade zou zijn ontstaan en verklaarde deze vorderingen niet-ontvankelijk, met de mededeling dat deze slechts bij de burgerlijke rechter kunnen worden ingediend.
De rechtbank sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten en wees de schadevorderingen af. Hiermee komt een einde aan de strafrechtelijke procedure tegen verdachte in deze zaak.
Uitkomst: Verdachte is integraal vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en schadevorderingen zijn niet-ontvankelijk verklaard.