Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
1. De door verdachte op de terechtzitting van 13 september 2018 afgelegde verklaring, voor zover inhoudende:
3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte van Politie Noord-Nederland d.d. 27 april 2018 opgenomen op pagina 37 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van [slachtoffer 3]:
4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte van Politie Noord-Nederland d.d. 27 april 2018 opgenomen op pagina 40 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende als verklaring van [slachtoffer 2]:
5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen van Politie Noord-Nederland d.d. 30 april 2018, opgenomen op pagina 54 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende als relatering van verbalisant:
6. Een geneeskundige verklaring betreffende [slachtoffer 1], op 1 mei 2018 opgemaakt en ondertekend door S.P.H. Letmaath, forensisch arts, voor zover inhoudende, als zijn/haar verklaring:
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partijen
1. [slachtoffer 1] tot een bedrag van € 1000,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum dat de schade is ontstaan;
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een jeugddetentie voor de duur van 3 dagen.
een gedeelte, groot 80 uren, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op twee jaren, schuldig heeft gemaakt aan de hierna te noemen algemene of bijzondere voorwaarden.
[slachtoffer 1]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van €
500,00(zegge: vijfhonderd euro) te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 april 2018.
[slachtoffer 2]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van €
332,50(zegge: driehonderdtweeëndertig euro en vijftig eurocent) te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 27 april 2018.
[slachtoffer 2]te betalen een bedrag van € 332,50 (zegge: driehonderdtweeëndertig euro en vijftig eurocent) bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door jeugddetentie voor de duur van 6 dagen, met dien verstande dat de toepassing van de vervangende jeugddetentie de hiervoor opgelegde verplichting niet opheft. Dit bedrag bestaat uit € 32,50 aan materiële schade en € 300,00 aan immateriële schade.