ECLI:NL:RBNNE:2018:4722
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voor deelname aan geweldpleging
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 5 oktober 2018 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van poging tot doodslag en openlijke geweldpleging op 31 oktober 2017 te Groningen. Verdachte werd ervan beschuldigd samen met anderen het slachtoffer te hebben mishandeld en te hebben getracht hem te doden.
De officier van justitie vorderde veroordeling op basis van deelname aan de groep die het slachtoffer mishandelde, waarbij verdachte aanwezig was en geen afstand nam van het geweld. De verdediging stelde dat verdachte geen geweld heeft gebruikt en juist de-escalerend heeft opgetreden.
De rechtbank oordeelde dat uit het bewijs niet blijkt dat verdachte zelf geweld heeft gepleegd of een wezenlijke bijdrage leverde. Verklaringen waren summier en toonden dat verdachte juist probeerde anderen rustig te houden. Er was geen bewijs van nauwe en bewuste samenwerking gericht op het geweld.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten, waaronder poging tot doodslag en openlijke geweldpleging. Het vonnis werd gewezen door voorzitter Venema en rechters Brinksma en Krijger, waarbij Brinksma en Krijger het vonnis niet medeondertekenden.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor deelname aan het gepleegde geweld.