ECLI:NL:RBNNE:2018:5616
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens gebrek aan gegronde vooringenomenheid
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. H.J. Bastin, rechter in een bestuursrechtelijke procedure, op grond van vermeende vooringenomenheid vanwege een eerdere uitspraak en opmerkingen tijdens de zitting.
De rechtbank stelt dat wraking alleen mogelijk is bij concrete feiten of omstandigheden die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid opleveren. Het niet eens zijn met een eerdere uitspraak vormt geen grond voor wraking. Ook de tijdens de zitting gemaakte opmerkingen van de rechter zijn niet voldoende om vooringenomenheid aan te nemen.
De rechtbank concludeert dat het verzoek tot wraking ongegrond is en wijst het af. Tevens wordt vastgesteld dat verzoekster misbruik heeft gemaakt van het wrakingsrecht door meerdere verzoeken in te dienen, met de waarschuwing dat een volgend verzoek niet in behandeling zal worden genomen.
De beslissing is uitgesproken door de wrakingskamer van de rechtbank Noord-Nederland op 26 september 2018 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens gebrek aan gegronde aanwijzingen voor vooringenomenheid.