ECLI:NL:RBNNE:2019:1593
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen DNA-opname bij veroordeelde voor wegversperring en dwingen gegrond verklaard
Klager is veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk versperren van een openbare landweg en medeplegen van wederrechtelijk dwingen. Op grond van de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden werd celmateriaal afgenomen voor DNA-bepaling en opname in de databank. Klager diende een bezwaarschrift in tegen deze opname, stellende dat DNA-onderzoek niet van belang is voor opsporing van deze feiten en dat er geen recidivegevaar is.
De officier van justitie voerde aan dat de wet een brede afname van DNA beoogt bij veroordeelden van zware misdrijven en dat bij de gepleegde feiten DNA-sporen kunnen worden achtergelaten. De rechtbank overwoog dat de misdrijven niet behoren tot die waarbij DNA-onderzoek doorgaans van belang is en dat de opsporing plaatsvond zonder DNA-onderzoek maar op basis van waarnemingen en getuigenverklaringen.
Verder werd vastgesteld dat klager in het verleden niet veroordeeld is voor een DNA-relevant delict en dat recente wetswijzigingen de afname van DNA bij minderjarigen beperken. De rechtbank concludeerde dat het bezwaarschrift gegrond is en beval vernietiging van het afgenomen celmateriaal.
Uitkomst: Het bezwaarschrift tegen DNA-opname wordt gegrond verklaard en het afgenomen celmateriaal wordt vernietigd.