Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Ten aanzien van feit 1
met betrekking tot cocaïnemerkt de rechtbank het volgende op.
met betrekking tot amfetaminemerkt de rechtbank het volgende op.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde handel in en aanwezigheid van cocaïne, amfetamine en hennep in de gemeente Emmen in de periode van 2013 tot 2016. De tenlasteleggingen betroffen medeplegen van het telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en aanwezig hebben van deze middelen.
De officier van justitie had een gevangenisstraf van 14 maanden geëist, gebaseerd op verklaringen van een getuige, een kasboek en opgenomen gesprekken. De verdediging betwistte dit bewijs en stelde dat er onvoldoende steunbewijs was en dat verdachte geen wetenschap had van de drugs in zijn tuin.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was omdat het kasboek en de getuigenverklaringen van dezelfde bron afkomstig waren, en er geen aanvullend bewijs was. Ook het aantreffen van amfetamine in een vrij toegankelijke tuinkast was onvoldoende om het opzettelijk aanwezig hebben te bewijzen. Ten aanzien van de hennep was niet bewezen dat de spacecake meer dan 30 gram hennep bevatte.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij en gelastte de teruggave van de inbeslaggenomen mobiele telefoon.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor handel en aanwezigheid van drugs.