Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
2. Past het letsel bij de door aangever veroorzaakte oorzaak (klap met honkbalknuppel)?
de rechtbank begrijpt: letsel 4) is de typische uitsparing in het midden. Dit kenmerk heeft het patroon van een "spoor- of tramlijn". Twee parallel verlopende onderhuidse bloeduitstortingen met daartussen een uitsparing. Dit beeld kan ontstaan door een krachtig contact van de huid met een langwerpig voorwerp zoals een stok, stang, maar ook een honkbalknuppel. Daar waar het contactoppervlak is, wordt de huid wat ingedrukt en aan de randen van het voorwerp scheuren bloedvaten door overstrekken met onderhuidse bloeduitstortingen als gevolg. Resumerend is het waarschijnlijk dat de letsels, in het bijzonder de letsels 1, 4, 5, en 6, zijn ontstaan door een klap met een honkbalknuppel, ervan uitgaand dat dat het schuldige
4. Kan er op basis van de geconstateerde letsels iets gezegd worden over de gevaarzetting?
5. Waardoor kan het letsel zijn ontstaan (met welke kracht)?
6. Zouden de gedragingen/handelingen die geleid hebben tot het letsel dodelijk kunnen zijn?
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
ten aanzien van de auto:
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij [slachtoffer 1]
Benadeelde partij [slachtoffer 2]
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
Een gevangenisstraf voor de duur van 26 maanden.
een gedeelte, groot acht maanden,niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op drie jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
benadeelde partij [slachtoffer 1]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een
bedrag van € 1.466,18(zegge: veertienhonderdzesenzestig euro en achttien eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 mei 2019.
benadeelde partij [slachtoffer 2]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een
bedrag van € 930,64(zegge: negenhonderddertig euro en vierenzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 mei 2019.