Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.De feiten
3.De beoordeling
4.Beslissing
woensdag 26 februari 2020in tegenwoordigheid van de griffier.
Arnhem-Leeuwarden
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde een verzoek van de vader om de hoofdverblijfplaats van zijn minderjarige dochter te wijzigen en haar inschrijving op een middelbare school in zijn woonplaats toe te staan. De minderjarige woont momenteel bij haar moeder en heeft het gezamenlijk gezag van beide ouders.
Tijdens de zitting sprak de rechtbank ook met de minderjarige zelf, die aangaf zich zowel bij haar vader als moeder thuis te voelen, maar ook last te hebben van de conflicten tussen haar ouders. De rechtbank benadrukte het belang van het kind en richtte zich in begrijpelijke taal rechtstreeks tot haar.
De rechtbank besloot dat het in het belang van het kind is dat zij bij haar moeder blijft wonen en ook in de buurt van haar moeder naar school gaat. Er is geen duidelijke reden om de hoofdverblijfplaats te wijzigen, aangezien de moeder goed voor haar zorgt en zij daar een stabiele omgeving heeft met school, vriendinnen en hobby's.
De rechtbank reflecteerde op de negatieve houding van de ouders jegens elkaar en de impact daarvan op het kind, en riep hen op hun conflicten te verminderen en het belang van het kind voorop te stellen. Het verzoek van de vader werd formeel afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot wijziging hoofdverblijf en schoolkeuze wordt afgewezen; het kind blijft bij de moeder wonen.