Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een rechterlijke machtiging te verlenen voor opname en verblijf van cliënt, die lijdt aan de ziekte van Alzheimer, voor de duur van vijf jaar. Hoewel het verzoek en de aanvraag niet binnen de wettelijke termijnen waren ingediend, verbindt de wet hieraan geen gevolgen, zodat de rechtbank dit niet in acht neemt.
Tijdens een telefonische zitting, conform het coronaprotocol, werden cliënt, haar advocate, zorgverantwoordelijke, verzorgende en zoon gehoord. Uit het dossier en de hoorzitting bleek dat cliënt ernstige psychogeriatrische klachten heeft met een progressief ziektebeeld, waardoor zij intensieve zorg en toezicht nodig heeft. Het gedrag van cliënt leidt tot ernstig nadeel, waaronder psychisch letsel bij anderen en maatschappelijke teloorgang.
De rechtbank oordeelt dat opname en verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om dit ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden en dat er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn. Ondanks het verzet van cliënt wordt de machtiging voor vijf jaar verleend, met inachtneming van de te late indiening, geldig tot 4 juni 2025.