Uitspraak
hierna te noemen [minderjarige] .
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het standpunt van de belanghebbenden
5.De beoordeling
6.De beslissing
Arnhem-Leeuwarden
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een verzoek van het Regiecentrum Bescherming en Veiligheid (GI) om op grond van artikel 1:265g BW de regie te krijgen over de zorgregeling en vakantieverdeling van een minderjarige, geboren in 2014. De ouders oefenen gezamenlijk het ouderlijk gezag uit, waarbij het hoofdverblijf van de minderjarige bij de moeder is. De GI verzocht om een jaarplanning vast te leggen en volledige regie over de omgangsregeling.
De kinderrechter heeft de ouders en de GI telefonisch gehoord vanwege coronamaatregelen. De moeder en vader steunden het verzoek om duidelijkheid te scheppen, hoewel de moeder aangaf dat het verzoek ook de periode na de zomervakantie betreft, wat niet volledig met haar was besproken. De kinderrechter constateerde een langdurige strijd tussen de ouders, maar ook een positieve ontwikkeling in de communicatie.
De kinderrechter oordeelde dat het in het belang van de minderjarige is om rust en duidelijkheid te creëren. Daarom werd de zorgregeling gewijzigd zodat de minderjarige om het weekend bij de vader verblijft, met vaste ophaal- en brengtijden. De GI kreeg de bevoegdheid om incidenteel af te wijken van deze regeling, maar niet om volledige regie te voeren over de jaarplanning of om fundamentele wijzigingen aan te brengen zonder opnieuw de rechter te verzoeken.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte is afgewezen. Hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: De zorgregeling is gewijzigd met een weekendregeling en de GI krijgt beperkte bevoegdheid tot incidentele wijzigingen, volledige regie is afgewezen.