Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2020:4340

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
8 december 2020
Publicatiedatum
8 december 2020
Zaaknummer
C18/20/7 F
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Rekestprocedure
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 16 FwArt. 18 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing faillissement Trademark Office B.V. wegens gebrek aan baten

De rechtbank Noord-Nederland behandelde het verzoek tot opheffing van het faillissement van Trademark Office B.V., gevestigd te Heerhugowaard. De rechter-commissaris had het faillissement voorgedragen voor opheffing vanwege het ontbreken van voldoende baten om de faillissementskosten en overige boedelschulden te voldoen.

Een aantal concurrente schuldeisers, vertegenwoordigd door FNV Zelfstandigen, maakte bezwaar tegen de opheffing. De curator reageerde op dit bezwaar, waarna de rechter-commissaris de voordracht tot opheffing handhaafde. De rechtbank stelde vast dat er geen commissie van schuldeisers was ingesteld en dat volgens artikel 16 Faillissementswet Pro (Fw) de rechtbank op voordracht van de rechter-commissaris het faillissement kan opheffen.

De rechtbank oordeelde dat voor schuldeisers op dit moment geen rechtsmiddel openstaat tegen de opheffing anders dan hoger beroep op grond van artikel 18 Fw Pro. Daarom verklaarde de rechtbank de schuldeisers niet-ontvankelijk in hun bezwaar en besloot het faillissement van Trademark Office B.V. op te heffen wegens gebrek aan baten.

Uitkomst: Faillissement Trademark Office B.V. wordt opgeheven wegens gebrek aan baten; schuldeisers zijn niet-ontvankelijk in hun bezwaar.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht
Locatie: Groningen
zaaknummer: C/18/20/7 F

beschikking d.d. 8 december 2020

in het faillissement van:
Trademark Office B.V., voorheen gevestigd te Celsiusstraat 32, 1704 RW Heerhugowaard, de schuldenares,
curator: mr. J.C.M. Silvius.

PROCESGANG

De rechter-commissaris heeft bovenvermeld faillissement voorgedragen voor opheffing.
Bij brief van 2 december 2020 heeft mr. E. van Sark van FNV Zelfstandigen namens FNV Zelfstandigen als concurrente schuldeiser alsmede een aantal andere concurrente schuldeisers bezwaar gemaakt tegen voornoemde opheffing. De curator heeft bij brief van 7 december 2020 op de door mr. Van Sark aangedragen bezwaren gereageerd.
De rechter-commissaris heeft de voordracht tot opheffing van het faillissement gehandhaafd.
De rechtbank heeft de voordracht behandeld in raadkamer van heden.

RECHTSOVERWEGINGEN

Op grond van artikel 16 van Pro de Faillissementswet (Fw) kan de rechtbank op voordracht van de rechter-commissaris de opheffing van het faillissement bevelen, na - kort gezegd - de schuldeiserscommissie, zo die er is, en de gefailleerde gehoord te hebben.
De rechtbank stelt vast dat er in het onderhavige faillissement geen commissie van schuldeisers is ingesteld.
Ten aanzien van het bezwaar dat mr. Van Sark namens een aantal concurrente schuldeisers heeft gemaakt tegen de opheffing van het onderhavige faillissement stelt de rechtbank gelet op het bepaalde van artikel 16 Fw Pro dan ook vast dat er voor de schuldeisers op dit moment geen rechtsmiddel openstaat. In artikel 18 Fw Pro is bepaald hoe schuldeisers tegen een door de rechtbank bevolen opheffing kunnen opkomen, namelijk door daartegen hoger beroep aan te tekenen.
De rechtbank verklaart de schuldeisers dan ook niet-ontvankelijk in hun bezwaar.
Onbestreden is dat niet voldoende baten beschikbaar zijn voor de voldoening van de faillissementskosten en de overige boedelschulden, zodat de voordracht van de rechter-commissaris ex artikel 16 Fw Pro tot opheffing van dit faillissement voor toewijzing gereed ligt.

BESLISSING

De rechtbank:
- verklaart de schuldeisers niet-ontvankelijk in hun bezwaar;
- beveelt de opheffing van bovenvermeld faillissement.
Deze beschikking is gegeven door mr. N.A. Baarsma en op 8 december 2020 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.