Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Feit 2 en 3
Feit 4: witwassen
Bewijsmiddelen
de rechtbank begrijpt: verdachte) pakte mij vast en ik heb mij laten vallen van de trap. Ik dacht, nu zal hij wel medelijden hebben dat ik van de trap was gevallen, maar hij kwam me achterna en schopte mij hard tegen mijn lichaam terwijl ik nog onderaan de trap lag.
de rechtbank begrijpt: [naam 5]) op de proppen. Daar ben ik zo tegen in het verweer gegaan en toen begon hij echt met gigantische klappen. Ik was bekrompen en dat moest ik maar accepteren. Toen heb ik echt stoelen op mij gehad. Hij gaf me een duw dat ik van mijn stoel af viel. Hij pakte die stoel op en ramde hem zo op mijn hoofd.
de rechtbank begrijpt: een prostitutieklant). Alleen dan is ook de borrel van me zus. Dus ik kan niet naar [naam 8] zaterdag.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Inbeslaggenomen goederen
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden.
een gedeelte, groot acht maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op drie jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
[slachtoffer]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van €
3.350,71(zegge: drieduizenddriehonderdvijftig euro en eenenzeventig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2017.