ECLI:NL:RBNNE:2020:720
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- H.H.A. Fransen
- B.I. Klaassens
- M. van den Steenhoven
- Rechtspraak.nl
Doodslag na schietincident met vuurwapen in familiale context
Op 27 juni 2019 vond in Assen een schietincident plaats waarbij verdachte zijn broer dodelijk heeft getroffen met een vuurwapen. Verdachte handelde tijdens een ruzie, waarbij hij het vuurwapen pakte, laadde en op zijn broer richtte. De rechtbank oordeelt dat moord met voorbedachte rade niet bewezen is vanwege onvoldoende bewijs voor een weloverwogen besluit, maar dat voorwaardelijk opzet op doodslag wel vaststaat.
Het bewijs bestond uit verklaringen van verdachte, politieonderzoek, NFI-rapporten over het vuurwapen en het pathologisch onderzoek dat het overlijden door een schotwond in de hals verklaart. Verdachte verklaarde dat het wapen per ongeluk afging tijdens een zwaaiende beweging, maar technisch onderzoek wees uit dat de trekker bewust is overgehaald.
Verdachte leed aan een trauma- en stressgerelateerde stoornis en borderline persoonlijkheidsstoornis, wat zijn toerekeningsvatbaarheid sterk verminderde. De rechtbank achtte een gevangenisstraf van 7 jaar passend, mede gezien de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden. Daarnaast werd een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd om behandeling en toezicht na detentie te waarborgen.
De rechtbank sprak verdachte vrij van moord, veroordeelde hem voor doodslag en verboden wapenbezit, en ontnam de inbeslaggenomen wapens en munitie aan het verkeer. De straf houdt rekening met de psychische problematiek en het lage recidiverisico, maar benadrukt de ernst van het delict en de impact op de nabestaanden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf en gedragsbeïnvloedende maatregel voor doodslag en verboden wapenbezit.