ECLI:NL:RBNNE:2020:721
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen gewijzigd collectief vervoersbeleid Wmo 2015
Verzoekster maakte bezwaar tegen het gewijzigde collectieve vervoersbeleid per 1 januari 2020, waarbij onder meer de afstandsgrens en de tarieven voor Wmo-vervoer werden aangepast. Het college had een maatwerkvoorziening toegekend die inhoudelijk gelijk was aan het voorgaande jaar, maar de feitelijke uitvoering was gewijzigd door aanbesteding en bezuinigingen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het college bevoegd is om randvoorwaarden van een eerder toegekende maatwerkvoorziening te herzien, mits dit zorgvuldig gebeurt. Het stappenplan van de Centrale Raad van Beroep, dat vereist dat het college voorafgaand aan besluitvorming voldoende onderzoek doet naar de hulpvraag en omstandigheden, was niet gevolgd. Dit gaf het bezwaar een redelijke kans van slagen.
Desondanks was het spoedeisend belang niet aannemelijk gemaakt, omdat verzoekster niet concreet had onderbouwd waarom zij nu niet van de voorziening gebruik kon maken. Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter K. Wentholt op 17 februari 2020.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het gewijzigde collectief vervoersbeleid wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.