Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 februari 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Feiten en omstandigheden
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde het beroep van eiser tegen het besluit van gedeputeerde staten van Friesland om een vergunning te verlenen voor de uitbreiding van een melkrundveehouderij nabij het Natura 2000-gebied Lauwersmeer. Eiser woonde op circa 500 meter afstand en stelde belanghebbende te zijn vanwege zicht op het gebied en mogelijke negatieve effecten op natuur en woongenot.
De rechtbank oordeelde dat eiser belanghebbende is, omdat hij rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt en er een duidelijke verwevenheid bestaat tussen zijn individuele belangen en het algemene natuurbeschermingsbelang. Het relativiteitsvereiste van artikel 8:69a Awb stond inhoudelijke behandeling niet in de weg.
De kern van het geschil betrof de vergunningverlening op basis van een passende beoordeling die was gebaseerd op de PAS (Pragmatische Aanpak Stikstof). De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de PAS niet voldoet aan de eisen van artikel 6 van Pro de Habitatrichtlijn. Hierdoor was de vergunningverlening in strijd met artikel 2.8 van de Wet natuurbescherming.
De rechtbank vernietigde het besluit en beval een nieuw besluit waarbij een correcte passende beoordeling moet worden gemaakt. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd wegens strijd met de Wet natuurbescherming en onvoldoende passende beoordeling.