Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
de auditudie zijn opgenomen in de aangifte en de aanvullende verklaring van aangeefster.
de audituverklaring levert op zichzelf dus onvoldoende steunbewijs op. De rechtbank heeft daarom extra zorgvuldig de betrouwbaarheid te toetsen van de
de audituafgelegde getuigenverklaringen, door zich te overtuigen van de geloofwaardigheid, zowel van hem die haar overbrengt als van degene wiens verklaring wordt overgebracht.
de audituverklaring van aangeefster wordt ondersteund door de printscreen van de camerabeelden van het [bedrijf] waarop verdachte, zoals deze zelf erkent, is te zien. Verdachte heeft erkend een jerrycan brandstof te hebben afgerekend. Dat is in lijn met de verklaring van aangeefster, voor zover zij verklaart wat [naam 1] en de medewerker van het pompstation haar hebben verteld. De rechtbank ziet daarin aanleiding om van de betrouwbaarheid van de verklaring van aangeefster uit te gaan. Uitgaande van de betrouwbaarheid van die verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte heeft gereden op een snorfiets die met een schroevendraaier moest worden gestart. Naar het oordeel van de rechtbank had verdachte daarmee de wetenschap -op zijn minst in de zin van voorwaardelijk opzet- dat de snorfiets door misdrijf verkregen was.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Inbeslaggenomen goederen
Benadeelde partij
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een jeugddetentie voor de duur van zes maanden.
een gedeelte, groot twee maanden, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op 2 jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.