Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Drenthe,naar buiten tredend onder de naam
Drenthe College,,
Rechtbank Noord-Nederland
De eisende partij, Stichting Regionaal Opleidingen Centrum Drenthe, vorderde betaling van cursusgeld van €582,- van de gedaagde, die zich had ingeschreven voor het cursusjaar 2018-2019. Na een tussenvonnis waarin de kantonrechter de eisende partij verplichtte de vordering nader te onderbouwen, werd aanvullende informatie en specificatie van de vordering overgelegd.
De kantonrechter oordeelde dat de eisende partij voldoende bewijs had geleverd dat er een overeenkomst tot stand was gekomen en dat het cursusgeld wettelijk vastgesteld en verschuldigd was. De vordering was niet gebaseerd op algemene voorwaarden die oneerlijk zouden zijn volgens Richtlijn 93/13.
Op basis hiervan werd de vordering toegewezen, waarbij de gedaagde werd veroordeeld tot betaling van het cursusgeld vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De gedaagde is veroordeeld tot betaling van het cursusgeld van €582,- met wettelijke rente en proceskosten.