Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
A: Om te laten zien dat je net als je vrienden denkt en zo krijg je uiteindelijk reacties en maak je een praatje.
V: Meen je ook wat je plaatst en zegt?
A: Het is eigenlijk puur om die vrienden op te ruien.
V: Hoe bedoel je op te ruien?
A: Om ze er nog hatelijker aan te laten denken.
Zijn de uitlatingen naar haar bewoordingen beledigend voor een groep mensen (artikel 137c Sr) en hebben de uitlatingen – op zichzelf en in de context bezien – de strekking om aan te zetten tot haat tegen en/of discriminatie van mensen en/of gewelddadig optreden tegen een persoon (artikel 137d Sr) wegens ras en/of godsdienst en/of levensovertuiging?
2. Zijn de uitlatingen gedaan in een bepaalde context die het beledigend karakter daarvan mogelijk wegneemt vanwege het in artikel 10 lid 1 EVRM Pro verzekerde recht op vrijheid van meningsuiting?
3. Zijn de uitlatingen – hoewel zij onder de bescherming zouden kunnen vallen van artikel 10 EVRM Pro – onnodig grievend?
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
primairin het openbaar, bij geschrift en bij afbeelding, tot enig strafbaar feit opruien, meermalen gepleegd;
primairzich in het openbaar bij geschrift en bij afbeelding opzettelijk beledigend uitlaten over een groep mensen wegens hun ras, godsdienst en/of levensovertuiging, terwijl het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een gewoonte maakt;
primairin het openbaar bij geschrift en bij afbeelding aanzetten tot haat tegen mensen, discriminatie van mensen en gewelddadig optreden tegen personen, wegens hun ras, godsdienst en/of levensovertuiging, terwijl het feit wordt gepleegd door een persoon die daarvan een gewoonte maakt.
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Inbeslaggenomen goederen
Toepassing van wetsartikelen
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
Uitspraak
De rechtbank
een werkstraf voor de duur van 44 uren.
een gedeelte, groot 40 uren, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op 2 jaren, de hierna te noemen algemene of bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd.