ECLI:NL:RBNNE:2021:1807
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling woninginbraak en diefstal fietsen met immateriële schadevergoeding
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor het samen met een ander plegen van een woninginbraak en de diefstal van twee fietsen. De inbraak vond plaats op 4 september 2019 te Arum, waarbij diverse goederen uit de woning werden weggenomen door middel van braak en inklimming. Verdachte en een medeverdachte werden kort na de inbraak aangehouden met goederen in hun bezit.
Daarnaast zijn twee fietsen, afkomstig uit een schuur in Witmarsum, door verdachte en medeverdachte zonder toestemming weggenomen en gebruikt. Verdachte stelde dat de fietsen geleend waren, maar de rechtbank achtte dit niet geloofwaardig en concludeerde wederrechtelijke toe-eigening.
De rechtbank wees de immateriële schadevergoeding toe aan de benadeelde man, die verdachte in zijn woning had aangetroffen en daardoor psychisch letsel had opgelopen. De vordering van de vrouw werd afgewezen omdat zij niet in de woning aanwezig was tijdens de inbraak en onvoldoende concrete schade aantoonde.
Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier maanden met aftrek van voorarrest. De rechtbank legde tevens een schadevergoedingsmaatregel op om betaling van de immateriële schade te bevorderen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vier maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest en toekenning van immateriële schadevergoeding aan benadeelde man.