Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
verkrachting
met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, begaan tegen een kind dat hij verzorgt of opvoedt als behorend tot zijn gezin, meermalen gepleegd
met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, begaan tegen een kind dat hij verzorgt of opvoedt als behorend tot zijn gezin, meermalen gepleegd
mishandeling, begaan tegen zijn echtgenoot, meermalen gepleegd
mishandeling, begaan tegen zijn echtgenoot
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III
en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid van de Wet wapens en munitie
Strafmotivering
Benadeelde partij
1. [slachtoffer 1], tot een bedrag van € 481,64 ter zake van materiële schade en € 9.000,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
Inbeslaggenomen goederen
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van drie jaren.
een gedeelte, groot één jaar, niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde voor het einde van of gedurende de proeftijd, die hierbij wordt vastgesteld op drie jaren, de hierna te noemen voorwaarden niet heeft nageleefd.
[slachtoffer 1], geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats] , wonende aan de [straatnaam] te [woonplaats] ;
[slachtoffer 2], geboren op [geboortedatum] 2004 te Assen, wonende aan de
[slachtoffer 3], wonende aan de [straatnaam] te [woonplaats] , behoudens het schrijven van brieven, totdat dit in het kader van de echtscheiding formeel is geregeld;
[slachtoffer 4], wonende aan de [straatnaam] te [woonplaats] , behoudens het schrijven van brieven, totdat dit in het kader van de echtscheiding formeel is geregeld;
[naam 1], wonende aan de [straatnaam] te [woonplaats] ;
[getuige 1], wonende aan de [straatnaam] te [woonplaats] ;
[slachtoffer 1]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 5.481,64(zegge: vijfduizend vierhonderdeenentachtig euro en vierenzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 januari 2019.