Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Motivering
3.Beoordeling
4.Beslissing
4 oktober 2021.
woensdag 2 juni 2021in tegenwoordigheid van de griffier.
Arnhem-Leeuwarden.
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoekster heeft de rechtbank verzocht om ontkenning van het vaderschap van [X] over haar. [X] is niet verschenen en heeft geen verweerschrift ingediend. Tijdens de zitting was verzoekster en belanghebbende [Y] aanwezig. De rechtbank heeft kennisgenomen van een e-mail van [X] waarin hij aangeeft niet de biologische vader te zijn en medewerking verleent aan ontkenning.
De rechtbank overweegt dat het verzoek binnen de wettelijke termijn is ingediend, omdat verzoekster pas kort bekend was met het feit dat [X] vermoedelijk niet haar biologische vader is. De rechtbank benadrukt dat het rechtsgevolg van ontkenning niet ter vrije beschikking staat van partijen en dat verklaringen van partijen onvoldoende bewijs vormen.
Daarom wordt verzoekster in de gelegenheid gesteld om binnen vier maanden bewijs te leveren, bijvoorbeeld door middel van een rechtsgeldige DNA-test bij een gecertificeerd instituut. De rechtbank houdt de verdere beslissing aan tot 4 oktober 2021, zodat de uitslag van het DNA-onderzoek kan worden afgewacht.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en stelt verzoekster in de gelegenheid DNA-bewijs te leveren voor ontkenning vaderschap.