ECLI:NL:RBNNE:2021:2950
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Rijbewijs ongeldig verklaard wegens niet tijdig betalen opleggingskosten rijgeschiktheidsonderzoek
Verzoeker werd op 26 juli 2019 en 6 maart 2021 aangehouden met een te hoog ademalcoholgehalte. Na de tweede aanhouding legde het CBR een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid op met bijbehorende kosten. Verzoeker betaalde de opleggingskosten niet tijdig, waarna het CBR zijn rijbewijs ongeldig verklaarde vanaf 16 juni 2021.
Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening. Hij voerde bijzondere omstandigheden aan, zoals een panieksituatie op 6 maart 2021 en dat zijn ex-vriendin de betaling had verhinderd. Ook stelde hij dat het ongeldig verklaren van het rijbewijs disproportioneel was en dat hij het rijbewijs nodig had voor zijn bedrijf.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de regelgeving dwingend is en dat niet tijdig betalen gelijkstaat aan niet meewerken, wat leidt tot ongeldigverklaring. De aangevoerde bijzondere omstandigheden waren onvoldoende om af te wijken van deze regel. Het belang van verkeersveiligheid woog zwaarder dan de persoonlijke belangen van verzoeker.
Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens niet tijdig betalen van opleggingskosten wordt afgewezen.