De rechtbank Noord-Nederland heeft op 29 juli 2021 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van het voorhanden hebben van een gaspistool, een boksbeugel, een vlindermes en 39 stuks munitie op 27 februari 2020 te Oosterwolde. Verdachte heeft bekend en de rechtbank acht het bewezen dat hij deze verboden wapens en munitie in bezit had.
De rechtbank heeft het bewijs gebaseerd op het proces-verbaal van doorzoeking, inbeslagneming, forensisch onderzoek en de bekennende verklaring van verdachte. De wapens betroffen een gaspistool van het merk Rohm, kaliber 6 mm flobert, 22 knalpatronen, 17 pyrotechnische patronen, een boksbeugel en een vlindermes. De wapens en munitie zijn onttrokken aan het verkeer.
Verdediging voerde aan dat verdachte de wapens in het buitenland had aangeschaft ter zelfverdediging en dat strafoplegging een beperking van zijn fundamentele vrijheid zou zijn. De rechtbank verwierp dit en verwees naar recente Europese regelgeving die het bezit van om te bouwen wapens strafbaar stelt.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit, het strafblad van verdachte, zijn persoonlijke omstandigheden en het criminele milieu waartegen hij aanschuurt. De rechtbank legde een geldboete van €1.000 op en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken met een proeftijd van 2 jaar. De in beslag genomen telefoons en tablet werden teruggegeven aan verdachte.