ECLI:NL:RBNNE:2021:3542
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Beslissing op verzoek tot wraking rechter-commissaris wegens vermeende onjuistheden
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. A.A.J. Smelt, benoemd tot rechter-commissaris in een procedure bij de rechtbank Noord-Nederland. Het verzoek betrof vermeende feitelijke onjuistheden in de beschikking van 15 april 2021.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 36 Rv Pro wraking alleen mogelijk is bij feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de rechter kunnen schaden. Verzoeker bracht geen concrete feiten aan die op vooringenomenheid van mr. Smelt duiden, maar richtte zich op de inhoud van de beschikking zelf.
Omdat artikel 37 lid 3 Rv Pro vereist dat alle wrakingsgronden tegelijk worden ingediend en geen aanvulling is toegestaan, en de aangevoerde gronden niet op de rechter zelf zien, werd het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet zonder wijziging.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. Smelt is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en de hoofdprocedure wordt voortgezet.