ECLI:NL:RBNNE:2021:3702
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel na vrijspraak
De officier van justitie vorderde op 7 juli 2021 dat de rechtbank veroordeelde zou verplichten tot betaling van €259.838,21 aan de Staat als ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, gebaseerd op een rapport over een hennepkwekerij.
De zaak werd behandeld op 10 augustus 2021, waarbij zowel de veroordeelde, zijn raadsman als de officier van justitie werden gehoord. De verdediging betoogde dat het onderliggende feit niet bewezen kon worden.
De rechtbank sprak de veroordeelde vrij van het feit waarop de vordering was gebaseerd en oordeelde dat zonder een bewezen feit geen grondslag bestaat voor ontneming. Daarom werd de vordering van de officier van justitie afgewezen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Noord-Nederland op 24 augustus 2021.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontneming af vanwege vrijspraak in de hoofdzaak.