Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte],
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Benadeelde partij
1. [benadeelde partij 7], tot een bedrag van € 500,-- ter zake van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
2. [benadeelde partij 2], tot een bedrag van € 9.061,95 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan. Op de terechtzitting heeft de benadeelde partij de vordering beperkt tot € 1.270,51.
3. [benadeelde partij 6], tot een bedrag van € 143,51 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.
Uitspraak
De rechtbank
[benadeelde partij 7], [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 6]niet-ontvankelijk zijn en dat deze vorderingen slechts bij de burgerlijke rechter kunnen worden aangebracht.