Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2021:4277

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
5 oktober 2021
Publicatiedatum
5 oktober 2021
Zaaknummer
19/810021-03
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38d SrArt. 38e Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met twee jaar wegens blijvende complexe problematiek

De rechtbank Noord-Nederland heeft op 5 oktober 2021 besloten tot verlenging van de terbeschikkingstelling (TBS) van de veroordeelde met twee jaar. De TBS was eerder opgelegd wegens moord en verkrachting en was reeds meerdere malen verlengd. De officier van justitie had schriftelijk verzocht om verlenging, en na een zitting waarbij ook een gedragsdeskundige aanwezig was, is het verlengingsadvies van het behandelteam besproken.

Het behandelteam rapporteerde dat de veroordeelde nog steeds kampt met chronische en complexe problematiek, waarbij recidive vooral samenhangt met woede-uitbarstingen door gevoelens van krenking, verlies en overbelasting. Hoewel de resocialisatie langzaam maar gestaag verloopt en de veroordeelde behandeltrouw is, blijft hij kwetsbaar en heeft hij moeite zijn beperkingen te accepteren. Het risicomanagement met transmuraal verlof en begeleiding houdt het risico op terugval laag, maar zonder TBS wordt het risico op (seksueel) gewelddadig gedrag als matig tot hoog ingeschat.

De veroordeelde en zijn raadsman stemden in met verlenging, maar verzochten om slechts een jaar verlenging om motivatie te bevorderen. De rechtbank oordeelde echter dat er geen gronden zijn om aan te nemen dat de behandeling binnen een jaar afgerond kan worden of dat de kliniek nalatig is. Daarom werd de termijn met twee jaar verlengd, conform het advies van het behandelteam en de officier van justitie.

De rechtbank baseerde haar beslissing op de bewezenverklaring en de aard van de misdrijven, en concludeerde dat verlenging noodzakelijk is voor de veiligheid van de samenleving. De behandeling wordt bepaald door gedragsdeskundigen van de kliniek, niet door de rechtbank. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer en uitgesproken tijdens een openbare zitting.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met twee jaar wegens blijvende complexe problematiek en risico op terugval.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling strafrecht
Locatie Assen
parketnummer 19/810021-03
beslissing van de meervoudige kamer d.d. 5 oktober 2021 op een vordering van de officier van justitie tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling
in de zaak tegen
[veroordeelde],
geboren op [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats],
thans verblijvende in [instelling],
hierna: veroordeelde.

Procesverloop

De officier van justitie heeft schriftelijk gevorderd dat de rechtbank de termijn van terbeschikkingstelling van de veroordeelde zal verlengen met twee jaar.
De inhoudelijke behandeling van de vordering stond geappointeerd op de zitting van 2 september 2021, maar door technische problemen kon er geen beeld- en geluidsverbinding worden gemaakt met veroordeelde vanuit de kliniek. Het onderzoek op voornoemde datum is daarom geschorst tot de zitting van 21 september 2021.
Op 21 september 2021 heeft de behandeling plaatsgevonden, waarbij aanwezig waren de veroordeelde, diens raadsman mr. E van der Meer, de officier van justitie mr. D. Roggen en drs. M. van den Bremer als deskundige.
De rechtbank heeft acht geslagen op de stukken, waaronder met name het door het (plaatsvervangend) hoofd van de inrichting ondertekende rapport met advies d.d. 14 juli 2021 van het behandelteam van de instelling waar de veroordeelde van overheidswege wordt verpleegd (hierna: het verlengingsadvies), alsmede de aantekeningen omtrent de lichamelijke en geestelijke gesteldheid van de veroordeelde.

Motivering

De opgelegde terbeschikkingstelling
Bij arrest van 19 november 2004 heeft het toenmalige gerechtshof Leeuwarden veroordeelde wegens moord en verkrachting ter beschikking gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege.
De terbeschikkingstelling is aangevangen op 8 september 2009 en laatstelijk op 3 september 2019 verlengd met twee jaar.
Het advies van de instelling
In het voormeld verlengingsadvies wordt geadviseerd de termijn van de terbeschikkingstelling te verlengen met twee jaar. In dit verlengingsadvies is onder meer het volgende aangegeven, zakelijk weergegeven:
Bij veroordeelde is thans nog sprake van (chronische) complexe problematiek waarbij de recidive vooral gerelateerd is aan woede voorkomend uit krenking, verlies, onvermogen en overbelasting. Op basis van eerdere en huidige bevindingen wordt ingeschat dat hij, vanwege zijn verhoogde krenkbaarheid en een te hoog aspiratieniveau, permanent onder druk staat. De behandelactiviteiten binnen zijn resocialisatietraject zijn voornamelijk gericht op het vergroten van probleemoplossende vaardigheden/zelfredzaamheid, afname van dan wel leren omgaan met negatieve emotionaliteit, het verbeteren van coping vaardigheden en het verminderen van gevoelens van eenzaamheid en verveling door middel van zinvol werk, gestructureerde vrijetijdsbesteding en betekenisvolle netwerkcontacten. De resocialisatie van veroordeelde verloopt langzaam, maar gestaag. In eerste instantie is hij van de reguliere leefgroep naar een inpandige kliniekflat verhuisd en vanaf daar ging hij in december 2020 naar een transmurale woning van [instelling]. Veroordeelde is behandeltrouw en zet zich – mits hij zich er in kan vinden – goed in voor gestelde doelen. Zijn hoge streefniveau maakt dat hij zijn beperkingen en de gevolgen daarvan voor zijn resocialisatie niet of nauwelijks kan overzien en accepteren. Daarmee geconfronteerd, nemen frustraties, depressieve gevoelens en boosheid snel toe. Naast het beter leren omgaan met dergelijke gevoelens, wordt veroordeelde door middel van medicatie en hulpverlening hierbij ondersteund. Op het gebied van werk, vrijetijdsbesteding en netwerk is sprake van goede, doch prille ontwikkelingen. Van belang is dat hierin uiteindelijk meer stabiliteit ontstaat en dat de gemoedstoestand van veroordeelde minder afhankelijk is van tegenslag op één bepaald gebied. Tot slot blijft zijn financiële situatie een probleem. Thans wordt onderzocht of een andere insteek met meer autonomie en verantwoordelijkheid beter aansluit om gestelde doelen (sparen voor de toekomst en schulden aflossen) te behalen.
Met het huidige risicomanagement, te weten transmuraal verlof met begeleiding door het transmurale behandelingsteam [instelling] en [instelling], wordt het risico op terugval in seksueel gewelddadig gedrag ingeschat als laag. Zonder het kader van de tbs-maatregel wordt het risico op terugval in (seksueel) gewelddadig gedrag ingeschat als matig tot hoog op de lange termijn. Het zal in dat geval gaan om een risico dat op langere termijn ontstaat door overvragende omstandigheden in combinatie met (een toename van) negatieve emotionaliteit, geringe probleemoplossende vaardigheden en oplopende frustratie (opgepotte emoties) die hij niet c.q. onvoldoende (tijdig) ventileert.
Op basis van het voorgaande wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling te verlengen met de termijn van twee jaar.
De deskundige drs. M. van den Bremer heeft tijdens de zitting van 21 september 2021 het advies bevestigd en nader toegelicht. Zij heeft daarbij aangegeven dat veroordeelde de afgelopen tijd vorderingen heeft geboekt, maar dat hij daarbij wel ondersteuning nodig had. Op het gebied van zelfstandigheid en zelfredzaamheid moeten nog stappen worden gezet en hiermee zal de nodige tijd gemoeid zijn.
Het standpunt van het openbaar ministerie
De officier van justitie heeft gepersisteerd bij haar vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege met twee jaar.
Het standpunt van de veroordeelde en zijn raadsman
Veroordeelde en zijn raadsman hebben zich niet verzet tegen een verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling, maar hebben wel verzocht de maatregel met een jaar te verlengen. De raadsman heeft hiertoe aangevoerd dat een verlenging van een jaar veroordeelde zal stimuleren zich te blijven inzetten voor de behandeling. Voorts kan de rechtbank over een jaar het verloop van het behandel- en begeleidingstraject toetsen. Door veroordeelde is nog aangegeven dat de rechtbank na een jaar eventueel kan bepalen welke behandeling geïndiceerd is en aldus invulling kan geven aan voornoemd traject.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank stelt op grond van de in het onderliggende arrest voorkomende bewezenverklaring, de kwalificatie en de motivering van de opgelegde straf en maatregel, in onderling verband en samenhang bezien, vast dat de maatregel van terbeschikkingstelling is opgelegd ter zake van misdrijven gericht tegen of gevaar veroorzakend voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.
Op grond van de inhoud van voormeld advies, de door de deskundige gegeven toelichting en hetgeen overigens uit het onderzoek ter zitting naar voren is gekomen, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen vereist dat de termijn van de dwangmaatregel wordt verlengd.
Met betrekking tot de verlengingstermijn overweegt de rechtbank dat er geen gronden aanwezig zijn om te verwachten dat de verpleging van overheidswege na een jaar voorwaardelijk zal worden beëindigd. Evenmin is gebleken van feiten of omstandigheden waaruit aannemelijk is geworden dat de kliniek de behandeling van veroordeelde niet voortvarend ter hand heeft genomen of dat de kliniek dat in de toekomst zal nalaten. De rechtbank merkt hierbij op dat de behandeling die verdachte moet ondergaan niet door de rechtbank wordt bepaald, maar door de gedragsdeskundigen van de kliniek. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding om de termijn van de terbeschikkingstelling met een jaar te verlengen. Overeenkomstig de vordering en het verlengingsadvies zal de termijn met twee jaar worden verlengd.
De rechtbank heeft gelet op de artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van veroordeelde met twee jaren.
Deze beslissing is gegeven door mr. E. Läkamp, voorzitter, mr. E.C.M. Wolfert en mr. R. Depping, rechters, bijgestaan door mr. D.M.A. Jansen, griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 oktober 2021.
Mr. R. Depping is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.