ECLI:NL:RBNNE:2021:4323
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel na betaling door mededader in zaak openlijke geweldpleging
De veroordeelde was bij arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een taakstraf en een schadevergoedingsverplichting van € 869,60 plus wettelijke rente, hoofdelijk samen met een mededader. Het arrest werd onherroepelijk en ter executie overgedragen aan het CJIB. Het CJIB vaardigde een dwangbevel uit voor een bedrag van € 203,73 aan wettelijke verhogingen en kosten deurwaarder.
De veroordeelde diende verzet in tegen dit dwangbevel. Uit het dossier bleek dat de mededader de schadevergoeding en de verhogingen volledig had voldaan, waardoor de hoofdelijk aansprakelijkheid van de veroordeelde voor deze bedragen verviel. De inning was eerder stopgezet vanwege toepassing van de WSNP, welke later werd beëindigd.
De rechtbank oordeelde dat de wettelijke verhogingen en kosten die in het dwangbevel waren opgenomen, hun grond ontberen door de betaling door de mededader. Daarom werd het verzet gegrond verklaard en het dwangbevel vernietigd.
Uitkomst: Het verzet tegen het dwangbevel is gegrond verklaard en het dwangbevel vernietigd wegens betaling door mededader.