Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
5. [benadeelde partij 3] , tot een bedrag van € 110,95 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
6. [benadeelde partij 4] tot een bedrag van € 3.700,00 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
7. [benadeelde partij 5] , tot een bedrag van € 785,95 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
Toepassing van wetsartikelen
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden
een taakstraf voor de duur van 240 uren.
[benadeelde partij 1]af.
[benadeelde partij 21]in de vordering niet-ontvankelijk is en dat deze slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[benadeelde partij 22]in de vordering niet-ontvankelijk is en dat deze slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.
[benadeelde partij 23]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 180,00(zegge: honderdtachtig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 augustus 2019.
[benadeelde partij 3]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 110,95(zegge: honderdtien euro en vijfennegentig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 september 2019.
[benadeelde partij 4]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 3.700,00(zegge: drieduizend zevenhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 19 september 2019.
[benadeelde partij 5]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 785,95(zegge: zevenhonderdvijfentachtig euro en vijfennegentig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 september 2019.
[benadeelde partij 6]af.
[benadeelde partij 8]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 50,00(zegge: vijftig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 oktober 2019.
[benadeelde partij 9]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 206,50(zegge: tweehonderd zes euro en vijftig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 1 november 2019.
[benadeelde partij 20]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 400,00(zegge: vierhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 maart 2020.
[benadeelde partij 24]in de vordering niet-ontvankelijk is en dat deze slechts bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht.