Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 oktober 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [plaats] , eiseres
de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder
Procesverloop
.
Overwegingen
Motivering
Rechtbank Noord-Nederland
Eiseres diende een herhaalde aanvraag in voor toekenning van éénoudertoeslag over de periode oktober 2018 tot en met december 2019, nadat eerder was vastgesteld dat zij geen partner had. Verweerder wees de aanvraag af omdat volgens hem geen nieuwe feiten waren aangevoerd die tot een ander besluit zouden leiden. De rechtbank oordeelt dat het partnerbegrip uniform moet worden toegepast en dat het niet aanvaardbaar is dat verschillende bestuursorganen op basis van dezelfde feiten tot tegengestelde besluiten komen.
De rechtbank stelt vast dat verweerder het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen, die concludeerde dat eiseres geen toeslagpartner had, zonder voldoende motivatie naast zich heeft neergelegd. Verweerder heeft nagelaten aanvullend bewijs te onderzoeken of nader informatie in te winnen, waardoor het bestreden besluit gebrekkig is gemotiveerd en in strijd met artikel 7:12 Awb Pro.
Daarnaast is het niet terugkomen op het eerdere besluit door verweerder evident onredelijk, aangezien eiseres een geloofwaardige verklaring gaf voor haar handelwijze. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de éénoudertoeslag wordt vernietigd.