Uitspraak
- een vergoeding van de schade (beslissing op bezwaar): €281,52;
- de wettelijke rente: €19,54.
Rechtbank Noord-Nederland
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de hoogte van de door het Instituut Mijnbouwschade Groningen toegekende schadevergoeding voor mijnbouwschade aan zijn woning. De rechtbank heeft vastgesteld dat het beroep zich richt op schades aan de linkerzijgevel en de hoogte van de vergoeding voor een specifieke schadepost (schade 14).
De rechtbank heeft het deskundigenadvies van 10BE en het addendum van een tweede deskundige als betrouwbaar beoordeeld en geen aanleiding gezien om hiervan af te wijken. Eiser heeft onvoldoende onderbouwing geleverd voor zijn stelling dat de herstelkosten te laag zijn of dat de schade dermate is verergerd dat volledige vervanging noodzakelijk is.
Daarnaast is gewezen op de wettelijke beperking dat alleen schades die na 31 maart 2017 zijn ontstaan of verergerd door verweerder beoordeeld mogen worden. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat de toegekende vergoeding onvoldoende is voor de verergering van de schade.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat eiser voor overige schades een nieuwe aanvraag kan indienen. Het vonnis is gewezen door rechter A.R. van der Winkel en griffier R.E.J. Jansen op 2 december 2021.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de schadevergoeding wordt ongegrond verklaard.