Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Procesverloop
2.Feiten
3.Verzoek
4.Beoordeling
5.Beslissing
dinsdag 30 november 2021in tegenwoordigheid van de griffier.
Arnhem-Leeuwarden.
Rechtbank Noord-Nederland
De man verzocht de rechtbank om de kinderalimentatie voor zijn minderjarige kind te wijzigen met ingang van 1 oktober 2020, althans per datum van het verzoekschrift, en later per 1 oktober 2021. De rechtbank oordeelde dat er geen rechtens relevante wijziging van omstandigheden was per 1 oktober 2020, aangezien het hof daarover al had geoordeeld en de man onvoldoende financiële gegevens had overgelegd. Ook het verzoek per 22 april 2021 werd afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing van gewijzigde omstandigheden.
Wel werd een relevante wijziging vastgesteld per 1 oktober 2021, omdat de man toen een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd als teamleider was aangegaan. De rechtbank stelde de behoefte van het kind vast op €600 per maand en berekende de draagkracht van de man op €255 per maand, rekening houdend met zijn andere kinderen en de draagkracht van de vrouw. De rechtbank bepaalde dat de man vanaf 1 oktober 2021 €255 per maand aan kinderalimentatie moet betalen.
Verder oordeelde de rechtbank dat de vrouw geen terugbetalingsverplichting heeft voor eventueel te veel betaalde alimentatie, aangezien betaalde bedragen die de behoefte niet overstijgen geacht worden te zijn verbruikt. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de kinderalimentatie per 1 oktober 2021 naar €255,- per maand en wijst eerdere wijzigingsverzoeken af.