Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 maart 2021 in de zaken tussen
[Eiser 1] en [Eiser 2] (LEE 19/3677),
,
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 1 maart 2021 uitspraak gedaan over meerdere beroepen tegen de verlening van een omgevingsvergunning voor de bouw van twaalf garageboxen op een terrein in Woudsend. Verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân, had de vergunning verleend ondanks strijd met het bestemmingsplan en bouwverordening. Diverse omwonenden en belanghebbenden hadden beroep ingesteld.
De rechtbank oordeelde dat een van de beroepen niet-ontvankelijk was wegens het ontbreken van belang. De overige beroepen werden ontvankelijk verklaard. Inhoudelijk stelde de rechtbank vast dat de binnenplanse vrijstelling onvoldoende was gemotiveerd, met name waarom het meest doelmatige gebruik beperkt zou worden zonder dringende redenen. Ook was de situering van het bouwplan deels in strijd met het bestemmingsplan en bouwverordening, onder meer door overschrijding van het bouwvlak, situering vóór de voorgevelrooilijn en onvoldoende motivering van de belangenafweging.
Verder werd geoordeeld dat de berekening van het bebouwingspercentage onjuist was toegepast, en dat de belangen van omwonenden onvoldoende waren meegewogen. Andere bezwaren, zoals over stikstofuitstoot en parkeernormen, werden verworpen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.