ECLI:NL:RBNNE:2021:943
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepkwekerij
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 19 maart 2021 uitspraak gedaan in een zaak waarbij de officier van justitie vorderde dat veroordeelde een bedrag van €50.000 aan wederrechtelijk verkregen voordeel zou betalen aan de Staat. Dit voordeel zou zijn behaald uit een hennepkwekerij die tussen januari en juli 2017 actief was.
De verdediging voerde aan dat er geen oogst had plaatsgevonden en dat de indicatoren voor eerdere oogsten niet overtuigend waren. Ook werd gesteld dat het stroomverbruik niet noodzakelijkerwijs verband hield met het telen van hennep, omdat het ook nodig was voor de installatie van de kwekerij. De rechtbank baseerde haar oordeel echter op bewijsmiddelen uit het vonnis van de onderliggende strafzaak en een rapport waarin drie oogsten werden vastgesteld.
De rechtbank concludeerde dat het wederrechtelijk verkregen voordeel werd geschat op €100.000, waarvan veroordeelde naar het oordeel van de rechtbank €50.000 heeft genoten. De rechtbank legde veroordeelde daarom op dit bedrag aan de Staat te betalen, met een maximale gijzelingstermijn van 1000 dagen bij niet-betaling.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters, waarbij één rechter het vonnis niet mede heeft ondertekend.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €50.000 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.