ECLI:NL:RBNNE:2022:1410
Rechtbank Noord-Nederland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep mijnbouwschade waardedaling
De zaak betreft een verzoek om proceskostenvergoeding na intrekking van het beroep door verzoekers tegen het besluit van het Instituut Mijnbouwschade Groningen. Verzoekers hadden een aanvraag tot vergoeding van waardedaling afgewezen zien worden en hadden bezwaar gemaakt dat ongegrond werd verklaard. Na kennisgeving van de zittingsdatum trokken verzoekers het beroep in en verzochten om proceskostenvergoeding.
De rechtbank overweegt dat een proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht alleen mogelijk is als het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan het beroep tegemoet is gekomen. Verzoekers stelden dat verweerder pas in het verweerschrift motiveerde waarop het besluit was gebaseerd, met een tabel over bevingen die niet in het bestreden besluit waren opgenomen.
De rechtbank oordeelt dat een nadere onderbouwing, los van de vraag of dit een motiveringsgebrek herstelt, niet kan worden gezien als een gedeeltelijke tegemoetkoming in het beroep. Daarom is er geen grond voor proceskostenvergoeding. Het verzoek wordt als kennelijk ongegrond afgewezen en de proceskostenvergoeding wordt niet toegekend.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat geen sprake is van een tegemoetkoming in het beroep.