ECLI:NL:RBNNE:2022:1412
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing vergoeding waardedaling mijnbouwschade
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het Instituut Mijnbouwschade Groningen waarin zijn aanvraag tot vergoeding van waardedaling werd afgewezen. Het primaire besluit dateert van 18 november 2020 en het bezwaar werd ongegrond verklaard op 9 juli 2021. Het beroepschrift is gedateerd op 1 augustus 2021, maar pas op 27 september 2021 ontvangen door de rechtbank, wat betekent dat het na de wettelijke termijn van zes weken was ingediend.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de termijn voor het indienen van beroep op 20 augustus 2021 eindigde. Hoewel eiser heeft toegelicht dat hij het beroepschrift op 1 augustus 2021 heeft geschreven, heeft hij het verzuimd tijdig te verzenden. Er zijn geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die de overschrijding van de termijn verschoonbaar maken.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk, waardoor het beroep niet inhoudelijk wordt beoordeeld. Eiser krijgt het griffierecht niet terug en er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verschoonbare omstandigheden.