Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
overeenkomst activatransactie/doorstart(hierna: de koopovereenkomst) gesloten met de besloten vennootschap [koper], als kopende partij, inzake de activa van de failliete onderneming. In deze koopovereenkomst is onder meer bepaald:
Rabobank');
bijlage 1);
de activa';
de Activa') aanwezig waren. Ik verwijs u naar de bijgevoegde toelichting van cliënte en diens specificatie daarbij. Het gaat dan om zaken met een door cliënte geschatte waarde van € 1.700.000,00. Hiervoor is blijkens de bijgevoegde activa-overeenkomst € 50.000,00 betaald. Het probleem hierbij is kort en goed dat de activa-overeenkomst de daarin verkochte activa zeer ruim omschrijft, terwijl u als curator bent uitgegaan van uitsluitend de activa zoals vermeld in het taxatierapport van NTAB (d.d. 20 november 2020). Dat betekent volgens cliënte dat
ofwelde heer [vennoot 1] u onjuist heeft geïnformeerd,
ofwelu geen navraag heeft gedaan bij [vennoot 1]. Cliënte vraagt zich af waarom u in de activa-overeenkomst niet eenvoudigweg heeft verwezen naar de activa die u wél in beeld had (namelijk de activa in het voormelde taxatierapport). Had u dat gedaan, dan vielen de activa nu nog in de boedel. U zult begrijpen dat hierdoor de concurrente schuldeisers enorm zijn benadeeld. Cliënte behoudt zich in dat kader al haar rechten en weren voor
3.De beoordeling
nietis bedoeld om het concrete beleid van de curator te laten toetsen. Dat toezicht wordt immers door de rechter-commissaris uitgeoefend. Een schuldeiser kan op de voet van artikel 69 lid 1 Fw Pro tegen handelingen van de curator bij de rechter-commissaris opkomen of van de rechter-commissaris een bevel uitlokken dat de curator een bepaalde handeling verricht of nalaat.
mogelijkaansprakelijk gaat stellen voor diens handelen, brengt niet mee dat aan de onpartijdigheid en objectiviteit van de curator bij het verdere beheer van de boedel moet worden getwijfeld.