Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Tenlastelegging
- zijn penis laten vasthouden/vastpakken door die [slachtoffer] ; en/of
- zich laten aftrekken door die [slachtoffer] ; en/of- een tongzoen aan die [slachtoffer] gegeven.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 30 juni 2022 een zaak waarin verdachte werd verdacht van ontucht met zijn minderjarige dochter in de periode van 1 januari 1986 tot en met 21 oktober 1992. Het tweede ten laste gelegde feit, gepleegd tussen 22 oktober 1989 en 21 oktober 1992, werd door de rechtbank niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring van het recht op strafvervolging.
Voor het eerste ten laste gelegde feit, gepleegd tussen 1 januari 1986 en 21 oktober 1989, oordeelde de rechtbank dat hoewel de verklaring van het slachtoffer betrouwbaar werd geacht, het wettig bewijsminimum niet was gehaald. De verklaringen van getuigen waren allen afkomstig van dezelfde bron en er ontbrak objectief steunbewijs. Verdachte werd daarom vrijgesproken.
De benadeelde partij had een schadevergoeding gevorderd, maar deze vordering werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege de vrijspraak. De rechtbank benadrukte dat de vrijspraak niet betekent dat de verklaringen van het slachtoffer ongeloofwaardig zijn, maar dat het bewijs onvoldoende was om tot een veroordeling te komen.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van ontucht wegens onvoldoende bewijs en OM niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring.